Papier

Er zijn veel papiersoorten met evenzovele specifieke eigenschappen. Gesatineerd, mat of silk, ultrawit of crème, opdikkend, 80, 100 of 250 grams, noem maar op. Papier kan van een strijklaag worden voorzien om het gladder te maken en van een coating om het nog gladder te maken waardoor de drukeigenschappen verbeteren. De papierkeuze is afhankelijk van het doel van de uitgave. Bijvoorbeeld een coated papier voor gedetailleerd drukwerk met een goede weergave van foto's met een fijn raster. Voor een boek met veel tekst kiezen we meestal uncoated papier omdat dat wat prettiger aanvoelt en het contrast tussen de zwarte lettertjes en het papier wat minder is. Naast de praktische kant kunnen we kiezen voor recycled papier of voor papier uit zorgvuldig beheerde bossen.

Papier wordt bijna altijd van hout gemaakt. Ook houtvrij papier. Houtvrij wil zeggen dat de houtvezels zo behandeld worden dat er geen of nauwelijks lignine aanwezig is. Lignine is de stof die de houtcellen bij elkaar houdt. De resterende cellulose wordt gebleekt. Van de zo verkregen pulp wordt samen met diverse vulstoffen papier gemaakt. In houthoudend papier zit meer lignine.

Papier kan hergebruikt worden. De kwaliteit van de vezels neemt wel langzaam af. Het beste te recyclen papier komt van restanten uit de papierfabriek en van drukkerijen. De restanten die niet bedrukt zijn voegen zich - na weer tot pulp te zijn teruggebracht - moeiteloos met nieuwe pulp. Daarvan wordt hoogwaardig papier gemaakt. Door het niet te mengen met nieuwe pulp kun je het recycled papier noemen (van pre consumer waste). Post consumer waste houden we over van bedrukt papier. Ook dit papier kan goed recycled papier opleveren maar dan moet de drukinkt er zoveel mogelijk uit verwijderd worden. Naarmate het papier verder hergebruikt wordt kunnen de toepassingen laagwaardiger worden. In krantenpapier en als laatste karton en verpakkingsmateriaal vinden de steeds slechter wordende papiervezels een toepassing. Al het ingezamelde papier komt ergens in dit proces terecht.

FSC-keurmerk

Het FSC-keurmerk, vooral bekend bij timmerhout en houten meubelen, is er ook voor papier. Het keurmerk garandeert dat de bossen die het hout leveren beheerd worden met 'De 10 principes voor goed bosbeheer'. De voorwaarden houden rekening met de inheemse bevolking die afhankelijk is van de bossen, de bosarbeiders, de ecologische functies en biodiversiteit. De productieketen tot aan de consument wordt gevolgd via de 'Chain of Custody'. De keten is controleerbaar als de drukkerijen daar deel van uitmaken. Het FSC-keurmerk mag alleen op drukwerk geplaatst worden als de drukkerij FSC gecertificeerd is. Lees hier meer over FSC.

Milieu

De papierindustrie is van oudsher een grote vervuiler. De productie vergt veel energie en water en er wordt met chemische stoffen gewerkt. De transportlijnen zijn lang en papier is zwaar. Om aan de grote vraag naar papier te voldoen zijn er veel bomen nodig. Die komen voor een belangrijk deel uit productiebossen met monoculturen, maar die staan veelal wel op plaatsen waar vroeger natuurlijke bossen stonden met een grote biodiversiteit. Het FSC-keurmerk garandeert de herkomst van de pulp, het zegt niets over de milieuvriendelijke verwerking daarvan. Controleerbare afspraken op het gebied van milieuzorg zijn vastgelegd in bijvoorbeeld de EMAS verordening (Eco Management and Audit Scheme) en de ISO 14001 norm. Bedrijven en dus ook papierfabrieken en houtfabrikanten kunnen duidelijk maken dat zij het milieu minimaal belasten.

Het hergebruik van de papiervezels wordt verlengd door het oude papier niet direct tot karton te verwerken. Dus in die zin heeft het gebruik van kringlooppapier waarde. Met een keuze voor kringlooppapier of FSC geven bedrijven en organisaties een signaal dat ze milieubewust gedrag willen. Drukkerijen, reclamebureaus en ontwerpers kunnen bij papieradvies aan hun klanten dit signaal betrekken ook als er niet nadrukkelijk om gevraagd wordt.